Direct naar de inhoud
Tekstgrootte:

Blog

  • AOW-bezuiniging weg, maar niet gratis

    AOW-bezuiniging weg, maar niet gratis

    De brief van het zorgverzekeringspakket ligt naast de rekening van de apotheek, en op de kalender staat januari al omcirkeld. Dat is het moment waarop je merkt wat er in Den Haag is besloten: niet in het nieuws, maar aan de keukentafel als de post binnenkomt.

    Uit gelekte begrotingsstukken blijkt dat het kabinet twee dingen terugdraait die 50-plussers rechtstreeks raken. De bezuiniging op de AOW gaat van tafel, goed voor 2,8 miljard euro die niet meer bespaard wordt, en de verhoging van het eigen risico met 60 euro wordt uitgesteld naar 2028. Dat bevestigen bronnen aan BNR na berichtgeving van RTL Nieuws. Er gaat daarnaast 1,5 miljard euro naar koopkrachtreparatie, en ook het verlagen van het minimumdagloon vervalt.

    Een geschrapte bezuiniging is nog geen euro extra

    Let op het woord dat overal terugkomt: teruggedraaid. De AOW gaat hiermee niet omhoog, er gaat alleen iets níét af. Dat is voor wie rond moet komen van AOW plus een klein pensioen wel degelijk verschil, maar het is een ander verschil dan een verhoging. Hetzelfde geldt voor het eigen risico: 60 euro erbij komt er nog steeds, alleen een jaar later. Wie in 2028 chronisch ziek is, betaalt die 60 euro alsnog en betaalt hem elk jaar opnieuw. Zoals we eerder lieten zien bij het eigen risico van 460 euro loopt die rekening vooral op bij mensen die de zorg echt gebruiken.

    Uitstel is de goedkoopste manier om een maatregel te houden

    Ons oordeel is dat dit pakket eerlijker uitpakt dan wat er lag, en dat de manier waarop het tot stand komt zorgen baart. Twee weken voor Prinsjesdag liggen de cijfers al op straat, terwijl de dekking nog nergens staat. Politiek verslaggever Leendert Beekman van BNR rekent voor dat het schrappen en uitstellen van bezuinigingen een gat van 750 miljoen euro in de begroting slaat, en dat de volledige dekking van de plannen nog niet bekend is. Volgens RTL wordt het betaald door de belasting op hogere inkomens te verhogen; die maatregel staat nog nergens uitgewerkt.

    En het eigen risico staat niet alleen. De bezuiniging op de werkloosheidsuitkering schuift door naar 2029 en de tegemoetkoming voor arbeidsongeschikten gaat eveneens een jaar naar achteren. Drie maatregelen op een rij die niet verdwijnen maar opschuiven: dat is geen toeval meer, dat is de goedkoopste manier om een plan overeind te houden zonder er nu voor te hoeven betalen.

    Een uitgestelde verhoging blijft een verhoging. Deze minderheidscoalitie schuift hem naar 2028, en of ze er dan zelf nog zit om hem uit te leggen, is een open vraag.

    De vreugde over de AOW is deels op onze eigen rekening geschreven

    En eerlijk over onze eigen kant: wie nu opgelucht is dat de AOW-bezuiniging weg is, moet erkennen dat er geen dekking bij staat. 750 miljoen wordt gevonden op verschillende begrotingen, en welke dat zijn, is niet bekendgemaakt. Dat kan net zo goed zorg, huisvesting of openbaar vervoer zijn: posten waar 50-plussers zelf ook op leunen. Blij zijn met de ene helft van een besluit terwijl de andere helft nog niet is opgeschreven, is een vorm van wegkijken.

    Reken je eigen jaar door voordat de definitieve cijfers komen

    Pak vanavond je zorgnota’s van dit jaar erbij en tel op wat je aan eigen risico daadwerkelijk kwijt was. Maakte je je eigen risico elk jaar vol, dan komt die 60 euro er hoe dan ook bij zodra de verhoging ingaat, en heb je tot 2028 om ervoor te sparen of om een aanvullende dekking te vergelijken. Bleef je er ruim onder, dan is het uitstel voor jou vooral nieuws over de portemonnee van iemand anders. Ook handig bij die stapel: de cijfers over uitgestelde aankopen onder AOW’ers laten zien hoe snel zulke bedragen doortikken in wat mensen niet meer kopen.

    Op 15 september blijkt wie de rekening krijgt

    Op Prinsjesdag staan de dekkingsposten er wel bij. Kijk dan niet naar de AOW-regel, want die is nu bekend, maar naar de begrotingen waar die 750 miljoen vandaan komt. Staat er ergens een streep door een zorg- of vervoerspost, dan is de AOW-bezuiniging niet geschrapt maar verhuisd.

  • Hypotheek op je AOW: 725 euro per maand

    Hypotheek op je AOW: 725 euro per maand

    Je zit aan de keukentafel met de jaaropgave van het pensioenfonds naast je. Het huis is af, de hypotheek is bijna weg, en op papier ben je een vermogend mens. Alleen komt er elke maand een bedrag binnen waar je de dakkapel niet van betaalt. Dat is precies het gat waar nu een product op wordt gezet.

    Vanaf 1 september biedt MUNT Hypotheken de Levenslang Zeker Hypotheek aan voor woningbezitters vanaf de AOW-leeftijd. De rente bedraagt bij introductie 4,35 procent en staat in beginsel vast zolang de lening loopt. MUNT financiert maximaal 70 procent van de woningwaarde, waarbij inkomen, bestaande hypotheek en persoonlijke situatie meetellen. Hoogstens de helft van de woningwaarde mag aflossingsvrij. Dat schrijft De Dagelijkse Standaard; de aanbieder zelf is MUNT Hypotheken, dat het product per 1 september in de markt zet.

    Reken het om naar een bedrag per maand, want dat is wat je voelt

    De voorbeelden die rondgaan blijven abstract, dus hier de tussenstap. Bij een woning van 500.000 euro is de theoretische bovengrens 350.000 euro, maar daar gaat een eventuele bestaande hypotheek nog vanaf. Leen je 200.000 euro aflossingsvrij tegen 4,35 procent, dan is dat 8.700 euro rente per jaar, oftewel ongeveer 725 euro bruto per maand. Elke maand, zolang de lening loopt.

    Let op dat woord bruto. Bij consumptief gebruik, dus als je het geld inzet als aanvulling op je pensioen, is die rente doorgaans niet automatisch fiscaal aftrekbaar. Reken dus niet stilletjes met een netto bedrag dat er niet is. Voor erkende verduurzaming zoals isolatie en zonnepanelen is tot 20.000 euro extra mogelijk zonder een nieuwe volledige inkomenstoets.

    Een vaste rente voor het leven is zekerheid én een slot op de deur

    Dat de rente vaststaat zolang de lening loopt, is de kern van het product en het is echt iets waard. Wie op zijn 72e een lening aangaat, wil niet dat de maandlast op zijn 80e opeens meebeweegt met de markt. Die zekerheid is voor deze groep meer waard dan een paar tienden procent rentevoordeel.

    Maar zekerheid werkt twee kanten op. Daalt de rente, dan profiteer je niet mee, en bij oversluiten of vervroegd aflossen kun je met beperkingen of kosten te maken krijgen. Belangrijker nog: de schuld eet de overwaarde op. Precies het bedrag dat je nu opneemt, is er straks niet meer voor een gelijkvloerse woning, voor zorg die je zelf wilt regelen, of voor de kinderen. En de woning blijft ondertussen gewoon geld kosten aan rente, onderhoud, verzekering en gemeentelijke lasten.

    Ons oordeel: als product vult dit een reëel gat, want tot nu toe was “verkopen” vaak het enige antwoord op weinig inkomen en veel steen. Als beleid is het een pleister. Dat je op je 70e moet lenen tegen je eigen huis om je pensioen aan te vullen, is geen innovatie, dat is een symptoom.

    Waar wij te makkelijk over doen

    Eerlijk is eerlijk: wie waarschuwt voor “de overwaarde opeten” gaat er stilzwijgend van uit dat die overwaarde bedoeld is voor de erfgenamen. Dat is een aanname, geen wet. Het is jouw huis en jouw geld, en een deel van het jaar comfortabel doorkomen kan een betere besteding zijn dan een groter bedrag op de nalatenschap. De kritiek klopt pas als je de kinderen iets hebt beloofd, of als de opname bedoeld is om een structureel tekort te dempen dat volgend jaar terugkomt.

    Zoek vanavond op wat je woning waard is en wat er nog aan hypotheek op staat

    Meer heb je in deze fase niet nodig. Die twee getallen bepalen namelijk of dit soort constructies überhaupt binnen bereik ligt: maximaal 70 procent van de woningwaarde min je huidige hypotheek, en aflossingsvrij hoogstens de helft van de woningwaarde. Staat er nog een flinke hypotheek, dan valt de ruimte vaak tegen en is het gesprek snel klaar. De WOZ-beschikking van je gemeente en je laatste hypotheekoverzicht liggen waarschijnlijk in dezelfde la.

    Rekenen aan je eigen situatie blijft daarna mensenwerk. Over hoe je zulke berekeningen slim voorbereidt schreven we bij wat de pensioenverhoging van 2027 oplevert en bij de koopkrachtmonitor waarin AOW’ers aankopen uitstellen. En laat je nooit onder tijdsdruk tekenen: dat is exact het patroon uit de nieuwste oplichtingstrucs, ook bij bonafide partijen.

    Vanaf 1 september staan de echte voorwaarden online

    Dan pas is te controleren wat er in de kleine lettertjes staat over vervroegd aflossen, over wat er gebeurt bij verhuizing naar een zorgwoning, en over de positie van een achterblijvende partner. Dat zijn de drie punten waarop dit soort producten in de praktijk vastloopt. Een rente van 4,35 procent staat groot in het persbericht; die drie antwoorden staan klein in de voorwaarden.

  • Bijstand: 45-plus is de grootste groep

    Bijstand: 45-plus is de grootste groep

    De brief ligt op de keukentafel, tussen de post van de zorgverzekeraar en een folder van de gemeente. Je bent 58, je werkt al twee jaar niet meer, en de vraag die je jezelf elke maandagochtend stelt is of solliciteren nog ergens toe leidt. In de krant van vanochtend gaat het over jongeren.

    Het Centraal Bureau voor de Statistiek meldde vrijdagochtend dat eind juni 413 duizend mensen tot de AOW-leeftijd een algemene bijstandsuitkering kregen. Dat zijn er 4 duizend meer dan een jaar eerder, het twaalfde kwartaal op rij met een stijging. De koppen pakten het stukje eruit dat het hardst groeit: jongeren tot 27 jaar, plus 5,7 procent. Dat klopt. Het is alleen niet waar de meeste mensen zitten.

    Wie zit er eigenlijk in die 413 duizend?

    CBS splitst de groep in drieën. Mensen van 45 jaar tot de AOW-leeftijd van 67: 229 duizend. De groep van 27 tot 45: 140 duizend. Jongeren onder de 27: 44 duizend. Tel je die op, dan kom je op 413 duizend, en dan zie je meteen de verhouding. Ruim de helft van iedereen in de bijstand is 45-plus. Jongeren zijn er ongeveer een op de tien.

    Dat is geen weerlegging van het CBS-bericht, want het bericht zegt niet dat jongeren de grootste groep zijn. Het zegt dat het aantal jongeren het hardst stijgt. Twee verschillende dingen, en de tweede is degene die het nieuws haalt.

    Vier duizend erbij, en waar die vandaan komen

    Reken de groei per leeftijdsgroep uit en het beeld wordt scherper. Bij jongeren kwamen er volgens de CBS-tabel 2,4 duizend bij, bij 27- tot 45-jarigen 1,2 duizend, bij 45-plussers 0,5 duizend. Samen die vier duizend. Van de aanwas komt dus bijna zestig procent van een groep die maar elf procent van het totaal uitmaakt.

    Bij de 45-plussers ging het met 0,2 procent omhoog. Dat is bijna niets. En precies daar zit wat ons stoort aan de manier waarop dit gelezen wordt.

    Stabiel op 229 duizend is geen goed nieuws

    Een groep die nauwelijks groeit, wordt in de berichtgeving vanzelf een groep waar het goed mee gaat. Maar 229 duizend mensen die al kwartaal na kwartaal op ongeveer hetzelfde getal blijven staan, betekent ook: er gaat er nauwelijks eentje uit. Bij jongeren is er beweging, in twee richtingen. Bij 45-plus staat de teller stil, en stilstand op dit niveau is geen rust maar vastzitten.

    Er is nog een detail in het CBS-bericht dat dit onderstreept. In het eerste kwartaal van 2026 stroomden 23,5 duizend mensen de bijstand in en 18,5 duizend eruit. Mensen die de bijstand verlaten omdat ze de AOW-leeftijd bereiken, tellen daar niet in mee: dat waren er in dat kwartaal 1,7 duizend. Die groep verliet de bijstand niet omdat er werk kwam, maar omdat ze 67 werden. Het CBS is daar netjes over en zet het er gewoon bij. In de samenvattingen die je daarna leest, verdwijnt het.

    Vijf komma zeven procent laat zich niet wegpoetsen

    Wie deze kant kiest, moet ook het ongemakkelijke stuk noemen. De stijging bij jongeren is geen ruis. Hij loopt al veertien kwartalen op rij, en sinds eind 2022 is het aantal jongeren in de bijstand met 27 procent toegenomen. Eind 2023 was de groei zelfs 9,2 procent, daarna zwakte hij af tot 4,1 procent en nu kruipt hij weer omhoog. Dat is een trend, geen uitschieter, en het is terecht dat er aandacht naartoe gaat.

    Het punt is niet dat die aandacht weg moet. Het is dat 229 duizend mensen jaar in jaar uit uit beeld blijven omdat hun cijfer niet beweegt.

    Zoek je eigen gemeente op in de StatLine-tabel

    Onder het CBS-bericht staat de bron waar de cijfers uit komen: de StatLine-tabel met uitkeringsontvangers per regio. Daar kun je je eigen gemeente opzoeken en zien hoe de leeftijdsopbouw daar ligt. Dat kost vijf minuten en het is een stuk bruikbaarder dan het landelijke gemiddelde, zeker als je met de gemeente in gesprek bent over een traject of een vrijstelling. Bij de cijfers over je koopkracht werkt dat net zo: wij schreven eerder over de koopkrachtmonitor die liet zien welke aankopen mensen uitstellen en over wat de pensioenverhoging van 2027 concreet oplevert.

    De instroomreeks staat op veertien kwartalen

    De in- en uitstroomcijfers over het tweede kwartaal zijn er nog niet. Zodra ze verschijnen, is er één getal dat telt: blijft de instroom groter dan de uitstroom, dan is dat het vijftiende kwartaal op rij. Breekt die reeks, dan gebeurt er voor het eerst sinds 2022 iets anders. En let dan op de uitsplitsing naar leeftijd, niet op het totaal, want daar zit het verschil tussen een groep die beweegt en een groep die blijft staan. Ook het verdwijnen van de seniorenkorting in het ov raakt precies die mensen die het minst te verdelen hebben.

  • Valse erfenisbrief: de paspoortkopie telt

    Valse erfenisbrief: de paspoortkopie telt

    De brief ligt tussen de folders op de mat. Een echte envelop, met postzegel, en op de achterkant een lakzegel met het stempel van een advocatenkantoor in Engeland. Binnenin staat de naam van iemand die is overleden en die dezelfde achternaam heeft als jij. Er zou een nalatenschap zijn. Of je spoedig contact wilt opnemen.

    Nederlandse zestigplussers krijgen op dit moment zulke brieven. De Telegraaf kreeg inzage in tientallen exemplaren, verstuurd namens de zogenaamde kantoren Murdoch & Co LLP, Van Weert LLP en Hjelte Law Office. Wie belt, krijgt twee verzoeken: een geldbedrag overmaken, en een kopie van het paspoort opsturen. Welingelichte Kringen vatte de bevindingen samen en Hart van Nederland besteedde er aandacht aan. Seniorenvereniging ANBO-PCOB ziet dezelfde opzet als bij babbeltrucs.

    Niet het geld is de buit, de paspoortkopie is de buit

    In vrijwel alle berichtgeving gaat het over het bedrag dat mensen overmaken. Wij denken dat daar de kleinste schade zit. Geld ben je één keer kwijt, en soms krijg je het via de bank nog terug.

    Een kopie van je paspoort is een ander soort verlies. Daar staan je burgerservicenummer, je handtekening, je pasfoto en het documentnummer op. Dat is precies de set gegevens waarmee elders een rekening, een abonnement of een lening op jouw naam kan worden aangevraagd. En dat document blijft geldig tot je paspoort verloopt. De fraudeur hoeft er niets meer voor te doen; hij heeft het al.

    Dat de vraag om die kopie pas komt ná het telefoongesprek is geen toeval. Op dat moment is er contact geweest, is er een naam genoemd, en voelt het als een formaliteit bij een dossier dat al loopt.

    Waarom kiest een oplichter in 2026 nog voor de post?

    Omdat het werkt. Een e-mail komt langs een spamfilter, langs een bank die waarschuwt, langs een telefoon die “verdacht” in beeld zet. Een brief komt langs niets. Er zit geen knop op om te melden, geen balkje dat rood wordt.

    Daar komt de uitvoering bij. Een postzegel, een lakzegel, de naam van een bestaand kantoor, een land waar Nederlanders “advocaat” en “erfrecht” bij elkaar vinden liggen. Dit is geen slordige mail met spelfouten. Iemand heeft hier tijd en geld in gestoken, en dat betekent dat het genoeg oplevert.

    “Wie hier intrapt, let niet op” is te gemakkelijk

    Dat is de zin die onder elk bericht hierover staat, en wij vinden hem onterecht. Een brief die uit naam van een bestaand kantoor komt, over een overledene met jouw eigen achternaam, is niet doorzichtig. Hij is ontworpen om precies één ding te doen: je laten bellen. Meer wordt er in die eerste stap niet gevraagd.

    En eerlijk over onze eigen kant van het verhaal: er is met deze cijfers voorzichtigheid geboden. De Telegraaf zag tientallen brieven, niet tientallen slachtoffers. Hoeveel mensen daadwerkelijk hebben betaald of een paspoortkopie stuurden, staat nergens. Dat is geen reden om het weg te wuiven, maar wel om niet te schrijven dat “senioren massaal” geld verliezen. Dat weten we niet.

    Maak er één huisregel van, deze week nog

    Spreek met de zestigplusser in je omgeving, of met jezelf, één regel af: post over een erfenis wordt nooit alleen beantwoord. Niet bellen, niet mailen, eerst even met een tweede persoon aan tafel. Dat is het hele advies, en het werkt bij alle drie de kantoornamen hierboven en bij de volgende drie die verzonnen worden.

    Stuur nooit een kopie van je paspoort naar een partij die je niet zelf hebt opgezocht. Bij een echte nalatenschap loopt het contact via de notaris, en die vraagt niet om vooruitbetaling. Onze eerdere stukken over de nieuwste oplichtingstrucs en het herkennen van een nepbericht gaan over hetzelfde patroon in digitale vorm.

    De volgende golf komt in een andere envelop

    Deze drie kantoornamen zijn nu bekend en dus binnenkort waardeloos voor de afzender. Wat blijft, is het recept: echte post, een bestaande naam, een overledene met jouw achternaam, en een vraag die klein begint. Wie dat recept herkent, hoeft de namen niet te onthouden. Verandert er straks iets aan die opzet, dan is dat het moment om weer op te letten. Twijfel je over een brief die nu in huis ligt, dan kun je die melden bij de Fraudehelpdesk voordat je iets doet.

  • Eigen risico 460 euro: wie ziek is betaalt

    Eigen risico 460 euro: wie ziek is betaalt

    De eerste rekening van het jaar komt zelden in januari binnen. Hij komt in maart, na dat ene bezoek aan de poli waar je niet om had gevraagd, en dan staat er een bedrag op dat je dit jaar al eens hebt gezien. Voor wie elk jaar zorg gebruikt is het eigen risico geen risico. Het is een vaste post die alleen nog een datum mist.

    Die post gaat omhoog. Het kabinet wil het verplichte eigen risico in 2027 verhogen van 385 naar 460 euro, meldt de Consumentenbond op de pagina waar het de wijzigingen voor 2027 bijhoudt. Vijfenzeventig euro erbij. Wat de premie doet is nog onbekend: verzekeraars hoeven hun tarieven voor 2027 pas op 12 november bekend te maken, en voor 2026 hielden veel verzekeraars de premie gelijk of verlaagden hem.

    Vijfenzeventig euro is geen bijstelling, het is je hele pensioenverhoging

    Het bedrag klinkt overzichtelijk. Zet het naast wat er dit jaar bíj komt, en het beeld kantelt.

    We rekenden hier eerder voor wat de pensioenverhoging van 2027 oplevert: bij een aanvullend pensioen van 1.500 euro bruto per maand komt er met 0,5 procent zo’n 90 euro per jaar bij. Van die 90 euro gaat 75 euro op aan één verhoging van het eigen risico. Er blijft vijftien euro over. Stijgt de premie ook, dan gaat ook dat restje eraan, maar dat weet je pas op 12 november.

    Ben je met z’n tweeën en maken jullie allebei het eigen risico vol, dan is het 150 euro per jaar. Wie nauwelijks bij een arts komt, merkt er niets van. Dat is precies wat deze maatregel doet: hij verlegt de rekening naar de mensen die de zorg gebruiken.

    Het eigen risico stond al jaren stil, en dat is het argument van beide kanten

    Het verplichte eigen risico staat al enkele jaren op 385 euro, terwijl de zorgkosten wél doorliepen. Wie de verhoging verdedigt, wijst daar terecht op: een bedrag dat jaren bevroren blijft, verschuift de rekening stukje bij beetje naar de premie die iedereen betaalt.

    Maar 75 euro in één keer is geen inhaalslag, dat is een sprong van bijna twintig procent. En het instrument werkt maar één kant op. Iemand met diabetes of een hartaandoening gaat niet minder naar de specialist omdat het eigen risico omhoog gaat; die krijgt gewoon een hogere rekening. Het rem-effect waar dit instrument voor is bedacht, treft juist de mensen die twijfelen of ze wel zullen gaan.

    Wie het eigen risico wil afschaffen, moet zeggen wie het dan betaalt

    Eerlijk is eerlijk, en dat geldt ook voor de kant waar deze redactie op zit. Roepen dat het eigen risico weg moet, is makkelijk zolang je de tegenrekening niet noemt. Verdwijnt die 460 euro, dan komt hij terug in de maandpremie, en die betaalt ook de 72-jarige die dit jaar alleen bij de huisarts kwam, en die valt niet onder het eigen risico.

    Er is nog een nuance die in de verontwaardiging ondersneeuwt: dit is een voornemen, geen wet. De definitieve cijfers komen op Prinsjesdag, dinsdag 15 september. Tot die dag is 460 euro een plan.

    Twee data waar je niets aan verandert, maar wel op kunt wachten

    Op 12 november moeten alle zorgverzekeraars hun premies en voorwaarden voor 2027 bekend hebben gemaakt. Pas dan kun je echt vergelijken; alles wat er in oktober aan reclame voorbijkomt, gaat over polissen waarvan het tarief nog niet vaststaat. In 2026 lag de premie voor de basisverzekering tussen 142,40 en 185 euro per maand bij een eigen risico van 385 euro, dus tussen de goedkoopste en de duurste polis zit ruim 500 euro per jaar.

    Overstappen kan tot en met 31 december. Zeg je je oude polis op tijd op, dan heb je tot 1 februari om een nieuwe af te sluiten, met terugwerkende kracht per 1 januari. Twee verzekeraars geven overigens korting op het verplichte eigen risico: bij DSW en Stad Holland is het 375 euro in plaats van 385.

    Kijk in de app van je verzekeraar hoeveel van dit jaar al op is

    Eén ding dat vanavond kan en vijf minuten kost. Log in bij je zorgverzekeraar en zoek het overzicht van het eigen risico van 2026. Daar staat hoeveel van de 385 euro al is verbruikt.

    Staat die teller elk jaar op vol, dan weet je dat die 75 euro je volgend jaar gewoon raakt, en kun je er nu al rekening mee houden. Staat hij op nul, dan verandert er voor jou weinig en is de premie het enige getal dat telt. Dat is dezelfde nuchtere rekensom als bij de seniorenkorting in het OV: pas als je weet hoe vaak je er gebruik van maakt, weet je wat een maatregel je kost. Dat er de laatste jaren steeds wat afgaat, is geen gevoel; zeven op de tien AOW’ers stellen aankopen uit.

    Op 15 september staat het in de Miljoenennota, of niet

    Prinsjesdag is het moment waarop 460 euro een bedrag wordt of een plan blijft. In diezelfde stukken staat de maximale zorgtoeslag voor 2027; die was in 2026 nog 131 euro per maand voor een alleenstaande en 250 euro voor een meerpersoonshuishouden. Schuift de zorgtoeslag niet mee met de premie én het eigen risico, dan is de verhoging voor de laagste inkomens twee keer raak in plaats van één keer.

    Gecorrigeerd op 24 augustus 2026 na een feitencontrole tegen de bronnen: de tekst zette een premiestijging voor 2027 twee keer neer als vaststaand feit en rekende ermee. De bron zegt dat verzekeraars hun premies pas uiterlijk 12 november bekendmaken.

  • AI laten doorwerken als je laptop uitstaat?

    AI laten doorwerken als je laptop uitstaat?

    Je klapt de laptop dicht, maar de AI-assistent werkt door. Dat kan als het werk niet op jouw laptop draait, maar op een gehuurde computer in een datacenter. Zo’n computer heet een server.

    Wij hebben er zelf één ingericht voor AI-agents. Dat zijn programma’s die niet alleen antwoord geven, maar ook een taak uitvoeren. Ze kunnen bijvoorbeeld informatie verzamelen, een website controleren of een rapport voorbereiden.

    Voor gewoon ChatGPT-gebruik heb je geen eigen server nodig. Een agentbox wordt pas nuttig als taken lang duren, vanzelf starten of een blijvende browser nodig hebben.

    Een server is een computer die ergens anders staat

    Het woord “server” klinkt ingewikkelder dan het is. Je huurt een stukje van een sterke computer die dag en nacht in een datacenter staat. Het bedrijf van het datacenter regelt stroom, internet en de machine. Jij regelt de programma’s die erop draaien.

    Vergelijk het met een werkplaats buiten huis. Je eigen laptop is de keukentafel. Prima voor een korte klus, maar je moet na afloop alles opruimen. In een vaste werkplaats blijven de gereedschappen liggen en kan een machine doorgaan terwijl jij thuis bent.

    Onze agentbox heeft 12 processorkernen, ruim 30 GB werkgeheugen en ongeveer 1 TB opslag. Dat is veel meer dan nodig voor één gesprek. De ruimte is bedoeld voor meerdere agents en vier gescheiden browserwerkplekken.

    Wat blijft er draaien als je computer uitstaat?

    De server blijft aan. Daardoor kunnen deze onderdelen doorgaan:

    • een agent die een lange taak uitvoert;
    • een geplande controle die op een vast tijdstip start;
    • een browser waarin een account is ingelogd;
    • een webpagina waarop je later het gesprek en de uitkomst terugleest.

    Je telefoon of laptop is dan alleen de afstandsbediening. Zet je die uit, dan gaat de server niet mee uit.

    Dit betekent niet dat een taak altijd slaagt. Een website kan een storing hebben, een account kan opnieuw om een login vragen en een AI-model kan een verkeerd antwoord geven. De winst is dat de computer beschikbaar blijft. Betrouwbaar werk vraagt nog steeds controle.

    Waarom vier aparte browsers?

    Een browser bewaart cookies. Dat zijn kleine bestandjes waarmee een website onthoudt dat jij bent ingelogd. Als iedere AI-taak met een lege browser begint, moet je steeds opnieuw inloggen.

    Onze server heeft vier blijvende browserprofielen. Zie ze als vier bureauladen. In iedere lade liggen de eigen cookies en instellingen. Een agent gebruikt één lade en laat de andere met rust.

    Bij onderhoud wissen we die laden niet. Daardoor veroorzaken we niet zelf een uitlog. De aanbieder van een website kan een sessie wel laten verlopen. Geen enkele server kan beloven dat Google of een andere dienst nooit meer om controle vraagt.

    Is dit hetzelfde als AI op je eigen computer?

    Nee. Hier lopen twee dingen vaak door elkaar.

    De werkplek staat op onze eigen server. Daar staan de projecten, browsers en gesprekken.

    Het AI-model kan nog steeds bij een andere aanbieder draaien. Een vraag gaat dan via internet naar bijvoorbeeld een modeldienst en het antwoord komt terug.

    Een eigen server geeft dus meer controle over de werkplek. Hij maakt het AI-model niet automatisch lokaal of privé. Wil je weten waar gegevens blijven, vraag dan altijd waar de bestanden staan én naar welk AI-model de opdrachten worden gestuurd.

    Wat kost zoiets?

    Je betaalt een vast bedrag per maand voor de server. Daar kunnen kosten voor de gebruikte AI-modellen bovenop komen. De precieze prijs hangt af van de grootte van de computer en hoeveel opdrachten je verstuurt.

    Voor een huishouden dat af en toe ChatGPT gebruikt, is een eigen server meestal duurder en lastiger dan nodig. Je koopt niet alleen rekenkracht. Je neemt ook updates, beveiliging, back-ups en storingen op je.

    Voor iemand die dagelijks meerdere automatische taken draait, kan het wel logisch zijn. De server blijft beschikbaar en verschillende agents delen dezelfde vaste machine.

    Ruim 30 GB werkgeheugen is veel, maar niet oneindig

    Werkgeheugen kun je zien als tafelruimte. Hoe groter de tafel, hoe meer mappen tegelijk open kunnen. Laat je alles wekenlang liggen, dan raakt ook een grote tafel vol.

    Daarom ruimt onze agentbox afgeronde programma’s automatisch op. Gesprekken en browserprofielen blijven bewaard. Alleen het draaiende proces dat niets meer doet, mag stoppen.

    Op 23 augustus 2026 gebruikte de machine ongeveer 7 GB en was nog 24 GB beschikbaar. De server had op dat moment geen meetbare wachttijd door geheugentekort. Dat is een nuttiger controle dan alleen kijken naar het percentage “gebruikt”.

    De schoonmaker mag niet je werk weggooien

    Een automatische schoonmaaktaak controleert om de paar minuten welke agent klaar is. Hij stopt een slapend programma, maar wist het gesprek niet. Schrijf je later een nieuw bericht, dan kan het werk weer worden hervat.

    Een taak die nog antwoord schrijft, op toestemming wacht of een vraag heeft, wordt overgeslagen. Ook tijdelijke bestanden worden pas verwijderd als geen programma ze meer gebruikt.

    Die voorzichtigheid is belangrijk. “Alles wat oud lijkt verwijderen” is geen onderhoudsplan. Het is wachten op het moment dat een nuttig bestand wordt weggegooid.

    Hoe bereik je de server veilig?

    Onze beheerpagina is niet bedoeld voor iedereen op internet. We gebruiken een privéverbinding tussen onze eigen apparaten en de server. Alleen bekende apparaten kunnen die route gebruiken.

    Daarmee ben je niet klaar. De server moet updates krijgen, accounts hebben beperkte rechten nodig en belangrijke gegevens moeten in een back-up staan. Een eigen server is vooral meer controle. Hij is niet vanzelf veiliger.

    Dat lijkt op internetbankieren. Een goede voordeur helpt, maar je let nog steeds op wachtwoorden, meldingen en vreemde handelingen. Lees bij twijfel ook onze uitleg wat een gehackte website in gewone taal betekent.

    Heb je zelf een agentbox nodig?

    Jouw gebruik Ons advies
    Af en toe een vraag stellen, tekst verbeteren of een foto opknappen Gebruik de gewone AI-app. Geen eigen server nodig.
    Een lange taak laten lopen terwijl je laptop dicht is Een cloud-agent of eigen server kan handig zijn.
    Iedere dag vaste controles en meerdere ingelogde websites gebruiken Een beheerde agentbox of eigen server wordt interessant.
    Geen zin in updates, beveiliging en hersteltests Niet zelf hosten. Kies een dienst waarbij het beheer is inbegrepen.
    Gevoelige gegevens, betalingen of klantaccounts laten bedienen Begin niet zonder beperkte rechten en een menselijke controle.

    Vier vragen voordat je iets huurt

    1. Welke taak moet doorgaan als mijn laptop uitstaat? Zonder duidelijk antwoord heb je geen server nodig.
    2. Waar staan mijn bestanden en gesprekken? Vraag ook of je ze kunt exporteren.
    3. Naar welk AI-bedrijf gaan mijn opdrachten? Eigen hosting betekent niet automatisch lokale AI.
    4. Wie doet updates en herstel? “Dat zien we later” is bij een server geen prettig antwoord.

    Probeer eerst één onschuldige taak. Laat bijvoorbeeld elke ochtend openbaar nieuws verzamelen en controleer een week lang of de uitkomst klopt. Koppel niet meteen mail, bankzaken of medische gegevens.

    De gouden regel: huur pas een eigen AI-server als je precies weet welk werk zonder jouw computer moet doorgaan. Voor de meeste mensen blijft de gewone app de eenvoudigste keuze.

    Meer rustige uitleg

  • Die ABP-brief over je pensioen, uitgelegd

    Die ABP-brief over je pensioen, uitgelegd

    Tussen de folder van de supermarkt en de bankafschriften ligt hij: de envelop van ABP, dik, met persoonlijke adressering. Wie pensioen ontvangt van ABP, krijgt deze najaar zo’n envelop als eerste door de bus. Geen jaaroverzicht, maar iets nieuws: het voorlopige transitieoverzicht, de eerste vergelijking tussen je pensioen zoals het nu werkt en zoals het straks werkt.

    Twee bedragen in één envelop

    ABP stapt per 1 januari 2027 over op de nieuwe pensioenregeling, nadat toezichthouder DNB in juli toestemming gaf voor die overstap. De overzichten gaan er stapsgewijs uit, meldt de Nationale Onderwijsgids: gepensioneerden vanaf augustus, actieve deelnemers vanaf eind september, gewezen deelnemers vanaf eind oktober. Uiterlijk 30 november 2026 heeft iedereen hem gehad. In het overzicht staat een inschatting van je pensioen in de huidige én in de nieuwe regeling — voorlopige bedragen, geen definitieve. Ter voorbereiding ontving iedere deelnemer in juli al de Pensioen Gids, die ook in het online portaal staat; ABP legt daar zelf uit voor gepensioneerden en voor actieven hoe je zo’n overzicht leest.

    Ook de premie verandert van opbouw. Het grootste deel gaat straks rechtstreeks naar de pensioenpot van de deelnemer; de sociale partners hebben de inleg voor 2027, 2028 en 2029 al vastgesteld. Het bestuur van ABP bepaalt eind november de percentages voor 2027 van de overige premiedoelen.

    “Gewoon afwachten” zeg je niet als je van je pensioen leeft

    Onze eigen neiging is verdedigbaar maar gemakzuchtig: het is een voorlopig overzicht, dus leg het weg en wacht op de definitieve versie van volgend jaar. Eerlijk is eerlijk — geduld is een luxe. Wie het bedrag op de rekening elke maand nodig heeft om rond te komen, leest “voorlopig” niet als geruststelling maar als een open eind. Voor die lezer is de brief geen document om te archiveren maar om naast de bankafschriften te leggen, al was het alleen al om te zien of de inschatting in de buurt van het huidige bedrag blijft. Dat veel vijftigplussers hun aankopen al verschoven vanwege geldzorg, zagen we eerder bij de AOW-koopkrachtmonitor.

    Tussen augustus en 30 november is een periode, geen planning

    Ons oordeel over de aanpak: de fasering is logisch — eerst degenen die geen premie meer betalen, dan de actieven, dan de gewezen deelnemers — maar de communicatie had scherper gekund. “Tussen augustus en 30 november” betekent in de praktijk dat de ene straat de brief allang heeft en de andere zes weken moet wachten. Vragen over de inhoud ontstaan nu, bij de eerste brieven, terwijl de Pensioen Gids van juli als voorbereiding bedoeld was. Een concrete maand per groep had de onrust aan de keukentafel beperkt. Overigens is dit een redactionele lezing van een pensioenfonds-communicatie, geen financieel advies.

    Regel vóór de brief één ding: je MijnABP-login

    Doe vandaag één ding: log in op MijnABP en kijk of de Pensioen Gids al in je digitale post staat. Lukt inloggen niet, regel dan eerst je DigiD. Zo kun je de brief, zodra hij komt, naast de digitale versie leggen — en dat is alles wat een voorlopig overzicht vraagt. Geen beslissingen nemen, geen regeling omzetten; de cijfers zijn nog niet definitief. Voor de vraag wat er in 2027 wél verandert, lees je mee wat we schreven over de pensioenverhoging van 2027.

    Eind november vult ABP de laatste cijfers in

    Het moment dat telt: eind november, wanneer het bestuur van ABP de premiepercentages voor 2027 vaststelt. Daarmee is de rekenbasis compleet; volgend jaar volgen de definitieve transitieoverzichten. Pas dan is zichtbaar wat de overstap per persoon echt doet — tot die tijd zijn alle uitspraken over winnaars en verliezers eerlijk gezegd ramingen, ook de geruststellende.

  • AOW-vakantiegeld: de opbouw ging omlaag

    AOW-vakantiegeld: de opbouw ging omlaag

    In mei viel het vakantiegeld op de rekening, in juni ging het op aan de camping en de nieuwe zonwering. En ergens deze zomer, zonder brief en zonder aankondiging, is de teller voor het volgende bedrag alweer opnieuw begonnen. Alleen loopt hij nu iets langzamer dan in het halfjaar ervoor.

    Sinds 1 juli 2026 bouwt een alleenstaande AOW’er 104,78 euro bruto per maand aan vakantiegeld op. Met een partner is dat 74,85 euro bruto per persoon per maand. Daarvoor stond de opbouw op 106,55 en 76,10 euro. De AOW-uitkering ging tegelijk juist omhoog: 1.662,16 euro bruto per maand voor een alleenstaande, 1.139,39 euro voor iemand met een partner.

    Waarom de uitkering stijgt en het vakantiegeld zakt

    Dat lijkt tegenstrijdig en dat is het niet. De AOW is gekoppeld aan het wettelijk minimumloon, en dat ging per 1 juli omhoog naar 14,99 euro bruto per uur. Alle uitkeringen die aan dat loon vastzitten, gaan dan mee omhoog.

    Het vakantiegeld volgt die koppeling niet. Bij werknemers is vakantiegeld 8 procent van het loon, dus daar beweegt het automatisch mee. Bij de AOW wordt de opbouw apart vastgesteld door de Sociale Verzekeringsbank. Twee verschillende knoppen, en ze staan niet aan elkaar vast. Daardoor kan de ene omhoog terwijl de andere omlaag gaat.

    Zes maanden opbouw wordt 628,68 euro bruto in mei

    Van 1 juli tot en met 31 december 2026 zijn het zes maanden opbouw. Per 1 januari 2027 gaan de bedragen weer veranderen. Reken het halfjaar dus even uit met de cijfers die er nu staan:

    Situatie Per maand Zes maanden
    Alleenstaand, 1 juli 2026 tot 1 januari 2027 104,78 euro bruto 628,68 euro bruto
    Met partner, per persoon 74,85 euro bruto 449,10 euro bruto
    Twee partners samen, beiden AOW 149,70 euro bruto 898,20 euro bruto

    Vergelijk dat met hetzelfde halfjaar vorig jaar, toen de opbouw 100,39 en 71,71 euro bruto per maand was. Dat leverde 602,34 en 430,26 euro over zes maanden. Over dat halfjaar gemeten gaat een alleenstaande er dus 26,34 euro bruto op vooruit.

    Hier gaat het in de berichtgeving vaak mis, dus let op de vergelijking die je maakt. Ten opzichte van vorig jaar zomer: hoger. Ten opzichte van het halfjaar dat net is afgesloten: lager. Beide zijn waar, en ze gaan over andere periodes. Het vakantiegeld wordt namelijk opgebouwd in drie blokken per jaar: mei en juni, juli tot en met december, en januari tot en met april. Alleen het middelste blok telt zes maanden, dus alleen dat blok mag je met een ander blok van zes maanden vergelijken.

    Een paar euro per maand, en toch is dit het vermelden waard

    Wij vinden de daling zelf klein nieuws. 1,77 euro per maand voor een alleenstaande, 1,25 euro met een partner, op een uitkering die met tientjes tegelijk stijgt: daar gaat niemands vakantie aan kapot, en wie roept dat AOW’ers hier fors op achteruitgaan, rekt de feiten op.

    Wat wél deugt aan de kritiek: er komt geen bericht over. De uitkering die stijgt haalt het nieuws, de opbouw die zakt niet. Wie in mei zijn vakantiegeld vergelijkt met het jaar ervoor en er niets van begrijpt, is niet dom maar slecht geïnformeerd. Een regeling die uit twee losgekoppelde knoppen bestaat, vraagt om één regel uitleg bij de jaarlijkse brief. Die regel staat er niet.

    En eerlijk is eerlijk over onze eigen kant van het verhaal: dat de opbouw apart wordt vastgesteld is precies wat hem in andere jaren juist harder kon laten stijgen dan de uitkering. Een aparte knop is niet automatisch een slechtere knop. Het probleem is de stilte eromheen, niet de systematiek. Hoe dit soort veranderingen in je totale koopkracht doorwerkt, hebben we eerder uitgezocht in de koopkrachtmonitor waarin AOW’ers aankopen uitstelden.

    Pak je meiafschrift erbij voor je dit wegklikt

    Eén ding is nu de moeite waard, en het kost vijf minuten. Zoek in je bankafschriften de bijschrijving van het vakantiegeld van afgelopen mei op en noteer het nettobedrag. Bewaar dat getal ergens waar je het in mei 2027 terugvindt.

    Dan heb je volgend jaar iets om mee te vergelijken dat klopt, in plaats van een gevoel. Krijg je minder dan je verwachtte, dan zie je meteen of dat komt door de opbouw, door een gewijzigde inhouding of door een fout. Zonder dat getal blijft het gissen, en de SVB stuurt geen overzicht dat die vergelijking voor je maakt.

    Woon je met een partner die nog geen AOW krijgt, of werk je nog door, dan pakt de rekensom weer anders uit; wat er in dat geval verandert staat in ons stuk over doorwerken na je AOW-leeftijd. Kijk je verder vooruit, dan is de pensioenverhoging van 2027 het volgende bedrag dat je op je afschrift terugziet.

    Januari is het volgende ijkpunt

    Per 1 januari 2027 worden de bedragen opnieuw vastgesteld, en dan begint het derde blok van vier maanden. Wij zetten die nieuwe opbouw hier naast de huidige zodra de SVB hem publiceert, met dezelfde vergelijking per blok. Dan zie je in één tabel of de knop deze keer wel dezelfde kant op draait als de uitkering.

    Bron: Geldzaken.nl over de opbouw van het AOW-vakantiegeld na juli 2026.

  • AO-uitkering in België: Nederland heft

    AO-uitkering in België: Nederland heft

    Woont u in België en krijgt u een arbeidsongeschiktheidsuitkering uit Nederland, dan is de vraag wie er belasting over mag heffen geen formaliteit. De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft die vraag op 7 augustus beantwoord, en het antwoord is voor veel grensbewoners ongunstiger dan ze dachten: een arbeidsongeschiktheidsuitkering van een pensioenfonds telt als pensioen, en dan heft Nederland. Taxence beschreef de uitspraak.

    Waar de zaak over ging

    Een man woonde van 2020 tot en met 2023 in België. Zijn dienstverband in Nederland liep tot medio 2020. Daarna kwam zijn inkomen uit vier bronnen: een UWV-uitkering, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen van een pensioenfonds, van een bv en van zijn voormalige werkgever, plus een particuliere uitkering van een verzekeringsmaatschappij.

    Hij gaf dat allemaal netjes aan en de inspecteur legde de aanslagen conform op. Pas toen hij in 2024 vrijstellingsverzoeken indiende, ging de Belastingdienst de aangiften opnieuw bekijken — en volgden er navorderingsaanslagen over 2020 tot en met 2023.

    Wat de rechtbank besliste

    Het belastingverdrag met België geeft geen omschrijving van het woord “pensioen”. De rechtbank keek daarom naar de Wet op de loonbelasting 1964. Daar geldt: een arbeidsongeschiktheidsuitkering die langer dan een jaar duurt en niet hoger is dan redelijk, is een pensioenuitkering. Dat was hier zo. Daarmee vallen de uitkeringen van het pensioenfonds, de bv en de werkgever onder artikel 19, tweede lid van het verdrag — en heft Nederland.

    Uitkering Wie heft Grond
    UWV-uitkering vóór einde dienstverband Nederland artikel 18, zesde lid
    Pensioenfonds, bv en oud-werkgever Nederland artikel 19, tweede lid
    Particuliere verzekeraar België artikel 18, eerste lid

    Op dat laatste punt kreeg de man wél gelijk. Voor de uitkering van de particuliere verzekeringsmaatschappij heeft België het heffingsrecht, en daarom zijn de navorderingsaanslagen over 2021 tot en met 2023 verminderd. De volledige uitspraak staat als ECLI:NL:RBZWB:2026:7356 online.

    Het punt dat het meest schuurt

    De rechtbank stond ook stil bij de vraag of navordering überhaupt mocht. De man had immers alles aangegeven en de inspecteur had de aanslagen zonder opmerkingen opgelegd. Toch mag de inspecteur uitgaan van de juistheid van een aangifte, tenzij hij redelijkerwijs moet twijfelen — en dat hoefde hier niet, omdat het niet ongebruikelijk is dat het heffingsrecht aan het woonland toekomt.

    Let op wat daar staat over de voorlopige aanslag. Dat er in zo’n aanslag vermeld staat dat gegevens nog worden gecontroleerd, betekent niet dat dat ook echt is gebeurd; aangiften doorlopen deels een geautomatiseerd proces. Een aanslag die er goedgekeurd uitziet, is dus geen bevestiging dat iemand ernaar heeft gekeken. Uw eigen vrijstellingsverzoek uit 2024 was in deze zaak juist het nieuwe feit dat navordering over vier jaren mogelijk maakte.

    Wat u hiermee kunt

    Drie dingen die uit deze uitspraak volgen en die u zelf kunt nalopen:

    • Splits uw uitkeringen per bron. Niet “mijn arbeidsongeschiktheidsuitkering”, maar per betaler: pensioenfonds, oud-werkgever, bv, verzekeraar. Ze vallen onder verschillende verdragsartikelen en kunnen dus in verschillende landen belast worden.
    • Kijk naar de duur. De grens die de rechtbank gebruikt, is een uitkering die langer dan een jaar loopt. Dat is het scharnierpunt tussen “loon” en “pensioen”.
    • Wees voorzichtig met een vrijstellingsverzoek. Een verzoek dwingt de Belastingdienst om uw dossier alsnog te openen. Loopt het anders af dan u hoopt, dan kan dat verzoek zelf de grond zijn voor navordering over eerdere jaren.

    Voor wie zijn papieren digitaal wil bijhouden: veel van dit soort post komt binnen via MijnOverheid, en wij legden uit hoe dat werkt. Losse brieven en overzichten bewaart u het handigst als één bestand — zo voegt u documenten samen tot een pdf. Inloggen bij de Belastingdienst en het CBR gaat met DigiD; hier leest u hoe u die aanvraagt en gebruikt.

    De gouden regel bij grensoverschrijdend pensioen: het gaat niet om wat de uitkering heet, maar om wie hem betaalt en hoe lang hij loopt. Op die twee vragen hangt in welk land uw geld belast wordt.

  • Hitte: 60-plussers lopen eerder gevaar

    Hitte: 60-plussers lopen eerder gevaar

    Bij 1,5 graad opwarming lopen zo’n 290 miljoen mensen van 60 jaar en ouder tegen hitte aan die hun lichaam niet meer kan wegwerken. Dat is 22 procent van alle ouderen op aarde. Jongere volwassenen komen pas bij 4 graden opwarming op dat punt. Dat verschil, 1,5 tegen 4, is de kern van een studie die maandag verscheen in het vakblad The Lancet Planetary Health.

    Onderzoekers van Stanford University deden iets wat eerder niet gebeurde: ze rekenden met hittegrenzen die per leeftijd verschillen. Tot nu toe gebruikten dit soort modellen de grens van een gezonde jonge volwassene. Met leeftijdsspecifieke grenzen verdubbelt het aantal mensen dat jaarlijks minstens 180 uur gevaarlijke hitte meemaakt, en het merendeel daarvan is 60-plus.

    Wat 180 uur in de praktijk is

    180 uur klinkt abstract. Reken het om: dat zijn ruim 22 middagen van acht uur waarop het buiten te warm is voor je lichaam om zichzelf koel te houden. Niet één benauwde week in augustus, maar drie weken aan hete middagen, elk jaar opnieuw.

    De onderzoekers gebruiken de term uncompensable heat stress: het punt waarop je lichaam de warmte niet meer kwijtraakt. Dan stijgt je kerntemperatuur, hoe stil je ook zit. Dat is iets anders dan “het is warm en ik voel me niet lekker”.

    Waarom de grens bij ouderen lager ligt

    Dat zit in het lichaam zelf, en het is geen kwestie van conditie:

    • Je zweet minder. Zweet is het koelsysteem; minder zweet is minder koeling.
    • Je hart moet harder werken om bloed naar de huid te pompen.
    • Je bloedvaten verwijden zich minder makkelijk, waardoor warmte moeilijker naar buiten gaat.
    • Dorst en oververhitting voel je minder duidelijk aankomen, dus je grijpt later in.

    Daar komt bij dat kwalen die je op leeftijd vaker hebt, hart, longen, nieren, juist door hitte verergeren.

    Het aantal groeit twee kanten op

    Het aantal 60-plussers op de wereld verdubbelt van 1,1 miljard in 2021 naar 2,1 miljard in 2050. Dat is dan 21 procent van de wereldbevolking, en meer dan twee derde daarvan woont in landen met een laag of gemiddeld inkomen, waar airco geen vanzelfsprekendheid is. De thermometer stijgt dus, en de groep die er het slechtst tegen kan groeit tegelijk. Die twee lijnen komen samen.

    Wat je er zelf mee kunt

    Op wereldpolitiek heb je geen knop. Op je eigen middag wel:

    • Houd de warmte buiten voordat het warm is. Zonwering dicht in de ochtend werkt beter dan ventileren om drie uur ’s middags.
    • Drink op vaste momenten, niet op dorst. Dorst komt bij ouderen te laat.
    • Verplaats inspanning, boodschappen, tuin, wandelen, naar voor negen uur of na acht uur ’s avonds.
    • Spreek af dat iemand op hete dagen even belt. Een telefoontje is een betere hittecheck dan een weer-app.

    Werk je nog door na je AOW, dan is dit extra relevant: wie doorwerkt, werkt ook op de hete dagen door. En denk je over een airco of ventilator, kijk dan eerlijk naar wat het kost, want zeven op de tien AOW’ers stellen aankopen al uit. Meer praktische spullen om zelf na te lopen staan bij onze handige hulpmiddelen.

Stel je vraag Reactie meestal op werkdagen