Je bent 51, werkt al twintig jaar bij hetzelfde bedrijf, en na de reorganisatie van vorig jaar ben je thuis komen te zitten. De vacatures die je ziet, vragen om iemand met vijf jaar ervaring en een startsalaris. De rest van je straat werkt gewoon door. Het idee dat jij de uitzondering bent, klopt niet.
In het tweede kwartaal van 2026 waren er 9,616 miljoen werkenden van 15 jaar tot de AOW-leeftijd, meldt het CBS. Twee jaar eerder waren dat er 9,619 miljoen. De teller staat dus stil, na tien jaar waarin hij bijna onafgebroken omhoog ging: van 8,181 miljoen in 2014 naar ruim 9,6 miljoen in 2024. Onder die vlakke lijn schuift het wel degelijk. En de groep waar het hardst geschoven wordt, is die van 45 tot 55 jaar.
213.000 werkenden minder dan in 2013
In 2013 telde het CBS 2,050 miljoen werkenden van 45 tot 55 jaar. In het tweede kwartaal van 2026 zijn dat er 1,837 miljoen. Dat is 213.000 minder. De piek lag er nog tussenin: in 2018 telde de groep 2,102 miljoen werkenden, en sindsdien daalt het aantal elk jaar. Vanaf die piek gerekend zijn het er 265.000 minder. Het CBS spreekt van negen jaar op rij. Het CBS legt het in twee stappen uit. Eerst hield de daling gelijke tred met de krimp van de leeftijdsgroep zelf. De afgelopen drie jaar komt daar iets bij: ook het pércentage werkenden in die groep daalt. Dat de groep zelf kleiner werd, is geen raadsel: wie nu 45 tot 55 is, werd geboren toen het geboortecijfer daalde. Er zijn niet alleen minder vijftigers, er werken er ook relatief minder van.
Aan de andere kant van de vijftig gaat het precies andersom. Van 55 jaar tot de AOW-leeftijd werkten er 2,089 miljoen mensen, tegen 1,256 miljoen in 2013. Die stijging vlakt nu af, onder meer omdat de AOW-leeftijd sinds 2013 van 65 jaar en een maand naar 67 is gegaan en dat effect uitgewerkt raakt. Boven de AOW-leeftijd werkten er 299.000 mensen, tegen 173.000 in 2013. Van alle AOW’ers heeft 9,5 procent betaald werk, tegen 7,2 procent in 2014. Wat doorwerken na je AOW juridisch en financieel betekent, verandert daar niet door.
Doorwerken tot 67 is gelukt, het stuk ervoor niet
Deze cijfers laten zien dat het arbeidsmarktbeleid van de afgelopen vijftien jaar één ding goed heeft gedaan en één ding niet. Mensen tot hun 67e aan het werk houden is gelukt, zij het met een flinke duw van de wet. Maar dat beleid begint pas te werken op het moment dat je al aan het werk bent. Wie er tussen zijn 45e en 55e uit valt, komt in de groep waar het aandeel werkenden juist zakt. Dat is de zwakke plek, en die zit vóór de AOW-discussie, niet erna.
Zolang de politiek de leeftijdsdiscussie bij het eindpunt blijft voeren, praat ze over de groep die het al redt. De AOW-bezuiniging die van tafel ging raakt mensen van 67 en ouder. De cijfers van vandaag gaan over mensen van 48 met nog twintig jaar te gaan.
Eén kwartaal is geen trend, negen jaar wel
Wie deze cijfers gebruikt om te roepen dat vijftigers massaal worden afgedankt, gaat te ver. Het grootste deel van de daling komt doordat de groep zelf kleiner is, niet doordat mensen eruit worden gewerkt. Het CBS noemt de extra daling van het percentage werkenden ook niet groot, en het vertelt er niet bij wie die mensen zijn. Ziek, mantelzorger, met vervroegd pensioen, of werkloos zonder uitkering: dat verschil maakt alles uit en staat niet in dit bericht. De aanhoudende richting is wel hard, en negen jaar op rij is geen ruis.
Mannen leverden 48 minuten per week in
Er is nog een beweging onder die vlakke lijn. Mannen van 25 jaar tot de AOW-leeftijd werkten vier jaar geleden gemiddeld 39,4 uur per week, nu 38,6 uur. Dat is 0,8 uur, oftewel 48 minuten. Bij vrouwen in dezelfde leeftijd ging het juist licht omhoog, van 29,8 naar 30,2 uur. Tel je alle gewerkte uren bij elkaar op en deel je die door de rest van de bevolking, dan kom je op 90 voltijdbanen per 100 mensen in de rest van de bevolking: kinderen onder de 15, iedereen vanaf de AOW-leeftijd en niet-werkenden daaronder. In 2024 waren dat er nog 92. Twee banen minder per honderd mensen klinkt klein, tot je bedenkt dat zorg, onderwijs en de jaren na je werkende leven uit precies die uren betaald worden.
Het overige deel van de bevolking groeide naar 8,531 miljoen mensen, tegen 8,351 miljoen in 2024. Die groei zit vooral bij AOW’ers. Het aantal kinderen tot 15 jaar daalt juist. Bijna zeven op de tien AOW’ers stelden het afgelopen jaar al aankopen uit vanwege de kosten, en die groep wordt dus groter terwijl de uren eronder krimpen.
Zoek je eigen leeftijdsgroep op in de CBS-tabel
Doe dit voor je de volgende krantenkop over de arbeidsmarkt leest: open het CBS-bericht, klik op “Toon tabel” bij de tweede grafiek en zoek je eigen leeftijdsgroep op. Je ziet dan in één kolom of jouw groep de afgelopen drie jaar groeide of kromp. Dat is een ander gesprek met je werkgever dan “het gaat goed met de werkgelegenheid”, want dat klopt allebei tegelijk. Wat die cijfers voor het dagelijks leven na je vijftigste betekenen, volgen we op 50plus web.
Het volgende ijkpunt is het derde kwartaal. In augustus waren er 408 duizend werklozen, gemiddeld 3 duizend per maand erbij over drie maanden. Het werkloosheidspercentage bleef wel gelijk op 4,0, dus dat is een beweging en nog geen omslag. Zakt het aantal werkenden van 45 tot 55 dan voor het tiende jaar, dan is de vraag niet meer of de groep krimpt, maar waarom een deel ervan niet meer meetelt.
