---
title: "Verpleeghuis komt later, en dat is beleid"
date: 2026-09-03
author: "Redactie 50plusweb"
featured_image: "https://50plusweb.nl/wp-content/uploads/2026/09/rivm-ouderenzorg-thuis-verpleeghuis.jpg"
categories:
  - name: "Uncategorized"
    url: "/category/uncategorized.md"
---

# Verpleeghuis komt later, en dat is beleid

Halfacht ’s ochtends, de wijkverpleegkundige trekt haar jas aan in de gang. Op de eettafel staat de medicijndoos van deze week al klaar en achter haar staat de rollator tegen de kapstok. Twintig jaar geleden had deze mevrouw op dit tijdstip in een verzorgingshuis wakker gelegen. Nu ligt haar sleutel in een kluisje naast de voordeur en komt de zorg naar haar toe.

Dat is niet een uitzondering, dat is de beweging. Het RIVM publiceerde donderdag het onderzoek [Verandering in de vraag en het gebruik van ouderenzorg in Nederland](https://www.rivm.nl/publicaties/verandering-in-vraag-en-gebruik-van-ouderenzorg-in-nederland). Tussen 2018 en 2024 groeide het aantal ouderen dat thuis langdurige zorg krijgt van 34.000 naar 78.000. In diezelfde jaren steeg het aantal ouderen in een zorginstelling ook, maar veel langzamer: van 112.000 naar 127.000. Een op de vijf verpleeghuizen zag het aantal cliënten juist teruglopen. [NU.nl tekende op](https://www.nu.nl/binnenland/6408381/ouderen-krijgen-vaker-thuis-zorg-1-op-5-verpleeghuizen-heeft-minder-clienten.html) hoe het RIVM dat samenvat: geen afstel, wel uitstel.

## Uitstel is een beleidskeuze, geen meevaller

Hier nemen wij stelling. Zorgminister Mirjam Sterk noemt het onderzoek in NU.nl een bevestiging dat de ouderenzorg “goed inspeelt op die veranderende vraag”. Dat is een prettige lezing van dezelfde tabel. Wat er staat, is dat mensen later verhuizen en dan zieker binnenkomen. Dat is precies wat het “thuis tenzij”-beleid wilde bereiken, en het is geen natuurverschijnsel waar de sector handig op inspringt. Wie een verschuiving zelf organiseert, mag hem niet daarna als bewijs opvoeren dat de markt zichzelf regelt.

Het verschil zit in wie de gevolgen draagt. De [Volkskrant citeert een bestuurder](https://www.volkskrant.nl/binnenland/rivm-ouderen-gaan-later-naar-verpleeghuis-voor-zwaardere-zorg-en-voor-kortere-tijd~b6ce0fefc/) die het zo zegt: “Een appartement krijgt vijf of zes keer per jaar nieuwe bewoners. We worden meer een verblijfsorganisatie dan een woonorganisatie, een soort palliatieve instelling.” Dat beeld staat niet op zichzelf. Uit hetzelfde rapport haalt de Volkskrant twee harde cijfers: het aantal ouderen dat korter dan drie maanden in het verpleeghuis verbleef verdubbelde tussen 2016 en 2024, en het percentage dat maximaal vijf maanden bleef groeide met 65 procent. Dat is geen wonen meer. Dat is een laatste fase in een kamer die net is leeggeruimd.

## 95 procent bezetting kan lege gangen bevatten

De landelijke bezettingsgraad van verpleeghuizen bleef in zes jaar stabiel rond de 95 procent, meldt de Volkskrant uit hetzelfde rapport. Dat getal is de reden dat er geen alarm klinkt, en het is ook het getal dat het minst zegt. Een landelijk gemiddelde van 95 procent kan bestaan uit regio’s met wachtlijsten en regio’s met lege gangen tegelijk. Het RIVM benoemt dat verschil zelf: waar veel vermogende ouderen wonen, wijken zij uit naar particuliere aanbieders en komen ze pas terug als de zorg complex wordt. Een bezetting van 95 procent bewijst dus dat de bedden vol zijn, en niets over de vraag of ze op de goede plek staan. Dat het ook anders kan, staat er trouwens bij: ongeveer de helft van de verpleeghuizen ving de verschuiving wel op, door meer ouderen uit de zwaarste categorieën op te nemen. De mismatch is dus geen wetmatigheid maar een verschil in wat een instelling aankan.

## Ook “de tsunami blijft uit” was te snel geroepen

En eerlijk is eerlijk, want de kant waar wij het grotendeels mee eens zijn heeft zich ook vergaloppeerd. Toen de wachtlijsten daalden, klonk breed dat de gevreesde golf hulpbehoevende ouderen niet zou komen. Het RIVM laat zien dat het totaal aan ouderen met langdurige zorg in zes jaar juist steeg, van ongeveer 145.000 naar 205.000. Wie destijds de dalende wachtlijst als bewijs gebruikte, gebruikte een cijfer over één loket voor een verhaal over het hele stelsel. Dat mocht een signaal heten. Bewijs was het niet.

## Zoek deze week op wat er in uw wijk overblijft

Eén ding dat vandaag nuttig is en dat in elk scenario blijft gelden: kijk na welke geclusterde woonvorm er in uw eigen gemeente bestaat en of daar een wachtlijst voor is. Aanleunwoningen, hofjes en woonzorgcomplexen worden in het RIVM-rapport genoemd als de plek waar de verschuiving landt, maar ze worden zelden actief aangeboden. Wie pas gaat kijken op het moment dat thuis niet meer gaat, kiest niet meer, die wordt geplaatst. Wat er verder financieel op u afkomt, staat in ons stuk over [het eigen risico van 460 euro in 2027](https://50plusweb.nl/eigen-risico-460-euro-2027/) en in de cijfers over [wat de pensioenverhoging van 2027 oplevert](https://50plusweb.nl/pensioenverhoging-2027-wat-levert-het-op/).

## Over twee jaar telt het RIVM opnieuw

Het rapport eindigt met een aanbeveling, geen belofte: volgens het RIVM is over twee jaar vervolgonderzoek nodig naar de jaren na 2024. Of dat er komt, is dus een keuze die nog gemaakt moet worden, en het is de enige manier om te zien of dit een eenmalige verschuiving was of een blijvende. Brancheorganisatie ActiZ leest het rapport nu al als [bevestiging van het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg](https://www.actiz.nl/actueel/rivm-bevestigt-beweging-naar-zorg-thuis-zorg-voor-ouderen-verandert-van-vorm). Blijft de gemiddelde verblijfsduur in die volgende meting dalen, dan is het verpleeghuis in de praktijk een eindstation van enkele maanden geworden, en dan gaat het gesprek niet meer over bedden maar over wat er in de jaren daarvoor thuis geregeld is. Hoe uitstelgedrag ook op andere terreinen doorwerkt, lieten wij eerder zien in [de koopkrachtmonitor waarin ouderen aankopen uitstelden](https://50plusweb.nl/aow-koopkrachtmonitor-2026-aankopen-uitgesteld/).